Logo CalcMaat

Rekenen met breuken
groep 5-6

Praktische toepassingen van breuken

Voorbeeld vermenigvuldigen: 2/4 × 1/3

De teller staat boven de streep en de noemer onder de streep.
teller / noemer.
Vermenigvuldig de tellers met elkaar en de noemers met elkaar, en vereenvoudig daarna.

Stap 1: Vermenigvuldig de tellers: 2 × 1 = 2.
Stap 2: Vermenigvuldig de noemers: 4 × 3 = 12.
Stap 3: Schrijf de nieuwe breuk: 2/12.
Stap 4: Vereenvoudig de uitkomst: 2/12 wordt 1/6.

Voorbeeld delen: 2/4 ÷ 1/3

De teller staat boven de streep en de noemer onder de streep.
teller / noemer.
Als je door een breuk deelt, draai de tweede breuk om en vermenigvuldig daarna.

Stap 1: Draai de tweede breuk om: 1/3 wordt 3/1.
Stap 2: Vermenigvuldig de tellers: 2 × 3 = 6.
Stap 3: Vermenigvuldig de noemers: 4 × 1 = 4.
Stap 4: Schrijf de nieuwe breuk: 6/4.
Stap 5: Vereenvoudig de uitkomst: 6/4 wordt 3/2 of 1 1/2.

Voorbeeld optellen: 2/4 + 1/6

De teller staat boven de streep en de noemer onder de streep.
teller / noemer.
Maak eerst de noemers gelijk, tel de tellers op en vereenvoudig.

Stap 1: Maak de noemers gelijk: 4 × 3 = 12 | 6 × 2 = 12.
Stap 2: Maak de nieuwe breuken: 2/4 wordt 6/12 | 1/6 wordt 2/12.
Stap 3: Tel de tellers bij elkaar op: 6/12 + 2/12 = 8/12.
Stap 4: Vereenvoudig de uitkomst: 8/12 wordt 4/6 wordt 2/3.

Voorbeeld aftrekken: 2/4 − 1/6

De teller staat boven de streep en de noemer onder de streep.
teller / noemer.
Maak eerst de noemers gelijk, trek de tellers af en vereenvoudig.

Stap 1: Maak de noemers gelijk: 4 × 3 = 12 | 6 × 2 = 12.
Stap 2: Maak de nieuwe breuken: 2/4 wordt 6/12 | 1/6 wordt 2/12.
Stap 3: Trek de tellers van elkaar af: 6/12 − 2/12 = 4/12.
Stap 4: Vereenvoudig de uitkomst: 4/12 wordt 2/6 wordt 1/3.

Dit kun je er bijvoorbeeld mee doen

Vermenigvuldigen ✖️

  • Recept: ½ van ¾ liter melk = 3/8 liter
  • Bouw: ⅔ van ¾ meter balk zagen = ½ meter
  • Kans: ½ × ⅓ = 1/6 kans

Delen ➗

  • Verdelen: ¾ taart ÷ ½ persoon = 1½ taart per persoon
  • Omrekenen: ⅖ liter ÷ ⅕ liter per fles = 2 flessen
  • Recept aanpassen: ¾ kop suiker ÷ 2 = 3/8 kop suiker

Optellen ➕

  • Koken: ½ liter melk + ⅓ liter melk = 5/6 liter
  • Tijd: ¾ uur studeren + ½ uur sporten = 1¼ uur
  • Geld: 2/5 spaargeld + 2/5 bijbaan = 4/5 totaal

Aftrekken ➖

  • Koken: ¾ kop suiker - ⅖ kop suiker = 7/20 kop
  • Tijd: 5/6 dag project - ¼ dag besteed = 7/12 dag over
  • Voorraad: ¾ meter stof - ⅓ meter gebruikt = 5/12 meter over
Kies een bewerking.
Oefenvraag

Bereken: